Bevallen

Blog»Bevallen

Test

Vruchtbaarheid na de bevalling: wanneer weer?
Vruchtbaarheid na de bevalling: wanneer weer?

De pil

De combinatiepil (met oestrogeen en progestageen) wordt afgeraden zolang je borstvoeding geeft. Het hormoon oestrogeen kan je melkproductie remmen of zelfs helemaal stoppen. Daarnaast kan het invloed hebben op het gewicht van je kindje. Geef je géén borstvoeding of ben je er al mee gestopt? Dan start je tussen de 21e en 28e dag met deze pil. 

  • veilig bij borstvoeding? Nee

De minipil

De minipil is een goede oplossing voor als je borstvoeding geeft, maar tóch met de pil wilt beginnen. De minipil bevat namelijk geen oestrogeen. Oestrogeen kan je melkproductie remmen of zelfs helemaal stoppen. Niet voor niets wordt de minipil ook wel de “borstvoeding pil” genoemd. De minipil is net zo betrouwbaar als de combinatiepil. Ook met deze pil start je tussen de 21e en 28e dag na je bevalling. 

  • veilig bij borstvoeding? Ja

De prikpil

De prikpil is een injectie die elke 12 weken herhaald wordt. Je kunt de prikpil meestal al 5 dagen na je bevalling krijgen. De prikpil bevat alleen progestageen en geen oestrogeen. Het progestageen van de prikpil kan wel via de moedermelk bij je kindje terecht komen. Geef je borstvoeding? Hoewel dit hormoon geen schadelijk effect heeft op je kindje, is het advies dan toch om 6 weken met de prikpil te wachten. 

  • veilig bij borstvoeding? Na 6 weken 

Spiraaltje

Je kunt vanaf 6 weken na je bevalling al een spiraaltje laten zetten. Je baarmoeder heeft dan als het goed is haar normale vorm weer aangenomen. Het voordeel van de spiraal is dat het een plaatselijke werking heeft. Het werkt alleen in je baarmoeder en heeft geen doorwerking op de rest van je lichaam. Zowel de koperspiraal als de hormoonspiraal vormen geen gevaar als je borstvoeding geeft.  Het spiraaltje bevat geen oestrogeen. 

  • veilig bij borstvoeding? Ja

Condoom

Het condoom heeft veel voordelen: het kan direct na de bevalling worden gebruikt en zodra je ermee stopt kun je direct weer zwanger worden. Handig voor als je geen anticonceptie voor langere tijd wilt. Maar het condoom kan ook een goede manier zijn om de periode te overbruggen waarin je een ander anticonceptiemiddel nog niet mag gebruiken, omdat je borstvoeding geeft.  Daarnaast kun je tijdens de borstvoeding nog wel eens last hebben van een droge vagina. Een condoom met glijmiddel kan dan uitkomst bieden. 

  • veilig bij borstvoeding? Ja

Hormoonstaafje

Het hormoonstaafje (zo groot als een lucifer) wordt onder je huid aangebracht, aan de binnenkant van je arm. Gedurende drie jaar geeft het staafje kleine hoeveelheden hormonen af. Je hoeft dus drie jaar niet meer om te kijken naar anticonceptie! Je kunt het staafje op elk moment laten verwijderen en dan ben je snel weer vruchtbaar. Ander voordeel is dat het geen oestrogeen bevat. Daarom is het ook geschikt als je borstvoeding geeft. Het staafje wordt dan na de 4e week na je bevalling ingebracht. Geef je géén borstvoeding? Dan moet het staafje tussen de 21e en 28e dag na je bevalling ingebracht worden. 

  • veilig bij borstvoeding? Ja

Anticonceptiepleister

De anticonceptiepleister bevat oestrogeen en is daarom niet geschikt als je borstvoeding geeft. Oestrogeen kan je melkproductie remmen of zelfs helemaal stoppen. Daarnaast kan het invloed hebben op het gewicht van je kindje. Geef je géén borstvoeding? Dan kun je na de 4e week na je bevalling beginnen met de anticonceptiepleister. De pleister werkt 7 dagen, dus elke week plak je een nieuwe pleister. Na 3 weken (dus 3 pleisters) heb je een stopweek. De pleister kan tegen water, maar mag niet in aanraking komen met crème of lotion. 

  • veilig bij borstvoeding? Nee

Anticonceptiering 

De anticonceptiering bevat oestrogeen en wordt daarom niet aangeraden als je borstvoeding geeft. Oestrogeen kan je melkproductie remmen of zelfs helemaal stoppen. Daarnaast kan het invloed hebben op het gewicht van je kindje. Dit geldt in ieder geval voor de eerste 6 maanden. Het effect van de anticonceptiering op je borstvoeding na deze 6 maanden is nog niet duidelijk. Geef je geen borstvoeding? Dan start je tussen de 21 en 28e dag na je bevalling met de anticonceptiering. Je brengt de kunststof ring zelf zo diep mogelijk in je vagina in. Na drie weken verwijder je hem weer en volgt een ringvrije week. 

  • veilig bij borstvoeding? De eerste 6 maanden in ieder geval niet
Ontzwangeren: je herstel na de bevalling
Ontzwangeren: je herstel na de bevalling

Naweeën

De afgelopen 9 maanden is je baarmoeder flink uitgerekt. Direct na je bevalling krimpt je baarmoeder weer in. De eerste dagen na je bevalling kun je hier soms heftige krampen van hebben. Deze naweeën worden steeds sterker naarmate je vaker bent bevallen. Want je baarmoeder moet steeds meer werk doen om haar normale vorm weer te krijgen. 3 of 4 dagen na je bevalling worden de krampen meestal al minder. Na twee maanden is je baarmoeder helemaal weer hersteld. 

Je kraamverzorgster controleert tijdens de kraamtijd (<- linken naar: “Kraamzorg: wat kan ik verwachten?”) regelmatig de stand van je baarmoeder. Zo ziet ze of je baarmoeder goed samentrekt. Heb je erg veel pijn van de naweeën? Neem dan een paracetamol. Het zou zonde zijn als in deze bijzondere tijd de pijn overheerst!

  • Wist je dat je baarmoeder makkelijker samentrekt als je blaas leeg is? Ga dus eens wat vaker naar de wc!

Nabloedingen 

Het is heel normaal om in de eerste weken na je bevalling bloedverlies te hebben. Op de plek waar de placenta heeft vastgezeten aan je baarmoeder, zit nu namelijk een wond. Door het inkrimpen van je baarmoeder worden je bloedvaten langzaam dichtgedrukt en zal de wond langzaam helen. Na ongeveer een week zal je bloedverlies afnemen en na zes weken moet het vloeien helemaal gestopt zijn. 

Je kunt in de eerste dagen het beste een kraamverband gebruiken; deze is wat dikker dan een normaal maandverband en kan meer bloed opvangen. Neemt je bloedverlies alleen maar toe? Zitten er na een week nog steeds stolsels in je kraamverband? Of is je kraamverband binnen een half uur al helemaal doordrenkt? Neem dan contact op met je kraamverzorgster of verloskundige. Je verliest misschien teveel bloed.

Hechtingen

Ben je ingescheurd of ingeknipt? Dan hou je aan je bevalling een aantal hechtingen over. De hechtingen lossen vanzelf op, maar kunnen in de eerste dagen wel pijnlijk zijn. Bijvoorbeeld tijdens het plassen of soms alleen al bij het zitten. Om de zwelling en pijn van de hechtingen te verminderen kun je er iets kouds tegenaan houden. Bijvoorbeeld een koud kompres, een washandje met ijsblokjes of een maanverbandje uit de vriezer. Daarnaast is het belangrijk om de hechtingen goed schoon te houden. Spoel daarom regelmatig met lauw water, vooral na het plassen. Droog daarna goed af. Als een handdoek of wc-papier teveel schuurt, kun je desnoods een föhn gebruiken.

Pijnlijke borsten 

Veel vrouwen hebben er tijdens de zwangerschap al last van: gevoelige of pijnlijke borsten. In de eerste week na je bevalling zal dit niet anders zijn. Je borsten doen nu voor het eerst waar ze voor gemaakt zijn: melk produceren. Soms heel veel melk. En door deze stuwing (overproductie van melk) kun je pijnlijke borsten krijgen. Je borsten zwellen op. Daarnaast zijn je borsten ook nog eens beter doorbloed. Hierdoor kan het soms alleen al pijn doen als je een trap af loopt. 

Het kan helpen om je kindje eens extra aan de borst te leggen. Je kunt ook met een kolf wat melk uit je borst halen (maar kolf je borsten niet helemaal leeg!). En zorg ook voor een stevige voedingsbeha. Je grote en zware borsten kunnen nu alle ondersteuning gebruiken. Daarnaast kun je je borsten onder de douche zachtjes masseren om de pijn te verlichten. Het kan ook helpen om je borsten na de borstvoeding te koelen. Zo neemt de zwelling af. 

Urineverlies 

Na je bevalling kun je tijdens het niezen of lachen onverwachts wat urine verliezen. Dit komt doordat tijdens het persen je blaas en plasbuis iets verschoven kunnen zijn. Ook zijn je bekkenbodemspieren misschien uitgerekt door de druk. Gelukkig worden je spierweefsels na je bevalling vanzelf weer stugger, waardoor je steeds meer controle krijgt over je blaas. Daarnaast kun je je verzwakte bekkenbodemspieren trainen met bekkenbodemoefeningen. Heb je na 4 maanden nog steeds last van urineverlies? Trek dan even aan de bel bij je huisarts. 

Aambeien

Sommige vrouwen krijgen ze tijdens de zwangerschap al. Maar ook tijdens je bevalling kun je ze ontwikkelen: aambeien. (linken naar: http://www.ikwordmama.nl/oei-aambeien) Dit zijn gezwollen bloedvaatjes vlakbij je anus. Ze kunnen soms behoorlijke vormen aannemen. Ze ontstaan door de druk als je tijdens je bevalling heel hard moet persen. Ze kunnen ook ontstaan doordat je kindje tijdens de bevalling op je anus drukt. 

Heb je eenmaal aambeien? Dan kun je de pijn verlichten door ze te koelen met ijsklontjes of koud water. Ook zijn er allerlei aambeienzalfjes op de markt. En kan je huisarts pijnstillende zalf voorschrijven. Zorg ook dat je je ontlasting zacht houdt door vezelrijk te eten en genoeg te drinken. Zo hoef je tijdens het poepen niet teveel te persen. 

Vaak verdwijnen je aambeien vanzelf weer. Willen ze bij jou maar niet weggaan? Dan kunnen ze eventueel operatief verwijderd worden. 

Obstipatie 

Misschien had je er tijdens je zwangerschap al last van. Maar ook na je bevalling kun je last van obstipatie krijgen. Obstipatie (linken naar: http://www.ikwordmama.nl/obstipatie-moeilijk-kunnen-poepen) betekent kort gezegd: moeilijk kunt poepen. Tijdens je bevalling heb je je darmen waarschijnlijk helemaal geleegd. Daardoor duurt het even voordat je stoelgang weer op gang komt. 

En moet je eenmaal weer naar de wc? Veel vrouwen zien hier tegenop. Alles is nou eenmaal wat gevoeliger vanonder. Ook zijn veel vrouwen bang dat eventuele hechtingen stuk gaan. Door je toiletbezoek uit te stellen, wordt je ontlasting harder en harder. Hierdoor wordt het alleen maar moeilijker om naar de wc te gaan! Probeer genoeg te drinken, vezelrijk te eten en blijf in beweging. Zo houd je je ontlasting zacht en kan er eigenlijk niets misgaan. Stel je toiletbezoek vooral niet uit!

Kraamtranen

Kraamtranen (<- linken naar “Kraamtranen: last van de ‘baby blues’) is een bekend verschijnsel bij pas bevallen vrouwen. Je kunt dan om het minste en geringste in huilen uitbarsten. Ook kun je het ene moment dolgelukkig zijn en het andere moment heel verdrietig. Voel je niet schuldig als je niet continu dolgelukkig bent. Je hele hormoonhuishouding ligt na je bevalling overhoop. Daarnaast heb je last vast allerlei kwaaltjes die bij het ontzwangeren horen. Hierdoor zit je nog lang niet lekker in je vel. En natuurlijk moet je ook wennen aan de nieuwe situatie met jullie kindje. En wellicht de gebroken nachten… Kraamtranen gaan vanzelf weer over als je je draai begint te vinden en lichamelijk steeds meer herstelt. 

Blijf je wel lange tijd somber? Neem dan contact op met je huisarts. In enkele gevallen belandt een kraamvrouw in een postpartum depressie. (<- linken naar: “Postpatrum depressie: als de ‘baby blues’ niet overgaat”)

Weer ongesteld

Je bent 9 maanden niet meer ongesteld geweest. Maar na je bevalling zal je menstruatie toch weer op gang komen… Bij de één wat sneller dan bij de ander, maar gemiddeld al na zo’n 6 tot 8 weken. Geef je borstvoeding? Dan blijft je menstruatie vaak iets langer uit. Toch ben je behoorlijk snel weer vruchtbaar na je bevalling (<- linken naar “Vruchtbaarheid na de bevalling: wanneer weer?). Het is daarom belangrijk om direct na de bevalling na te denken over anticonceptie. (<- linken naar “Anticonceptie na de bevalling). 

Wil jouw menstruatie 3 maanden nadat je gestopt bent met borstvoeding nog steeds niet op gang komen? Neem dan even contact op met je huisarts. Wellicht kun je starten met de pil om je cyclus weer op gang te helpen. Ook kun je een hormonenkuur krijgen om je cyclus op te wekken. 

Customer Service Logo
Hulp nodig?Neem contact op met onze klantenservice
(op werkdagen 09:00 - 17:00)
  • Keurmerk Logo
  • iDeal Logo
  • Mastercard Logo
  • Visa Logo
  • PostNL Logo
  • AfterPay Logo
© ikwordmama.nlBeoordeling door klanten: 9.7 / 10 - Meer dan 250 beoordelingen